Afbeelding

Hoge criminaliteit onder jeugd bekend bij gemeentebestuur Midden-Groningen

Algemeen

HOOGEZAND - Het gemeentebestuur heeft in algemene zin zicht op de groepen jongeren in Midden-Groningen met betrekking tot jeugdcriminaliteit. Het betreft echter geen homogene groep. Er is sprake van verschillende categorieën jongeren, variërend van jongeren die lichte overlast veroorzaken tot jongeren die (dreigen te) worden betrokken bij zwaardere, ondermijnende criminaliteit.

B en W antwoorden dat op vragen van raadsfractie ChristenUnie, die enige opheldering wilde over het hoge landelijke cijfer van minderjarige verdachten, waarmee Midden-Groningen tot de top 15 van gemeenten in Nederland behoort. Wat opvalt, aldus het college, is dat problematiek vaak al op jonge leeftijd begint en zich kan ontwikkelen. Het gaat regelmatig om jongeren die te maken hebben met een combinatie van risicofactoren zoals problemen thuis, schooluitval, schulden in het gezin of negatieve sociale invloeden. Binnen de Brede Jeugd Overleggen (BJO) wordt per geval gekeken wat er speelt en welke ondersteuning nodig is. Tegelijk blijft het belangrijk om te benadrukken dat het om een relatief beperkte groep jongeren gaat en dat het overgrote deel van de jongeren in Midden-Groningen positief bijdraagt aan de samenleving. 

Binnen Midden-Groningen wordt de jeugd(criminaliteits)problematiek gemonitord op basis van verschillende bronnen zoals politiegegevens over geregistreerde verdachten, signalen vanuit het onderwijs, jongerenwerk, leerplicht, boa’s en zorgpartners en cijfers over onderliggende risicofactoren als schooluitval, schuldenproblematiek en gezinsomstandigheden. B en W: ,,In 2024 was bijvoorbeeld 1,72 procent van de jongeren in de leeftijd van 12 tot 23 jaar geregistreerd als verdachte van een misdrijf, wat hoger ligt dan het landelijk gemiddelde van 1,47 procent. Deze combinatie kwantitatieve data en signalen uit de praktijk vormt de basis voor onze monitoring.’’ 

In Midden-Groningen ziet men bovendien meer voortijdig schoolverlaten, een hoger aandeel huishoudens met problematische schulden en relatief meer kinderen die opgroeien in een uitkeringssituatie. Ook sociale factoren, zoals het hebben van criminele vrienden of het opgroeien in een omgeving waar criminaliteit zichtbaarder is, spelen een rol. Daarnaast wordt geconstateerd dat jongeren al op jonge leeftijd in aanraking kunnen komen met verleidingen vanuit de criminaliteit, bijvoorbeeld door signalen uit de praktijk van het ronselen van basisschoolkinderen. Wat begint met ogenschijnlijk kleine vergrijpen kan zich ontwikkelen tot ernstigere problematiek. Deze combinatie van omstandigheden draagt bij aan het hogere aantal geregistreerde verdachten. Het college zet in op een integrale en preventieve aanpak, waarbij samenwerking met partners centraal staat. 

Daarnaast wordt geïnvesteerd in het versterken van het jongerenwerk (+), zodat professionals zichtbaar aanwezig zijn in wijken en vroegtijdig signalen kunnen oppakken. Ook loopt er vanuit Kwartier Zorg en Welzijn een proef gericht op risicojongeren, waarbij een multidisciplinair team zich specifiek richt op jongeren die kwetsbaar zijn voor afglijden richting criminaliteit. Verder ligt de nadruk op vroegsignalering en preventie, het versterken van de samenwerking tussen onderwijs, zorg en veiligheid en het bieden van perspectief aan jongeren, bijvoorbeeld via begeleiding en ondersteuning. Tegelijkertijd wordt, waar nodig, ook handhavend opgetreden. ,,De inzet van de jeugdagent en de jeugd-boa draagt bij aan zichtbaarheid in de wijken, het opbouwen van relaties met jongeren en het voorkomen van escalatie’’, meent het college.