
Inwoners mogen meepraten over bezuinigingen, maar nu nog niet
AlgemeenHOOGEZAND – Er komen forse financiële tekorten aan voor de gemeente Midden-Groningen. Het gaat om miljoenen en er moet de komende jaren bezuinigd worden. Waarop, daar gaat het college van B en W zich nu over buigen. Inwoners mogen meepraten over wat en waar er bezuinigd moet worden, maar nu nog even niet.
Er zijn drie oorzaken voor de forse tekorten. Het gemeentefonds van het Rijk wordt steeds minder en de drie knelpunten in de gemeente zijn stijgende kosten voor jeugdzorg, de herverdelingseffecten van het Gemeentefonds en de korting op dit fonds. De kosten in de jeugdzorg nemen landelijk gezien fors toe en gemeenten worden onvoldoende gecompenseerd voor kostenstijgingen als gevolg van inflatie en groei. Midden-Groningen wordt nog eens extra hard geraakt door de zwakke sociale structuur, die maakt dat er meer dan gemiddeld sprake is van jeugdzorgproblematiek in deze gemeente. Dit leidt ertoe dat de kosten voor jeugdzorg hoger zijn en harder stijgen dan het landelijk gemiddelde.
De uitkering die gemeenten ontvangen uit het gemeentefonds is veranderd door een andere weging van criteria en maatstaven. Grofweg leidt dit ertoe dat gemeenten aan de dunbevolktere randen van Nederland een lagere uitkering ontvangen. Midden-Groningen wordt, ondanks de centrumfunctie die zij vervult, niet gezien als hoogstedelijk gebied. Dat betekent dat er een lagere uitkering wordt ontvangen. Ook heeft deze gemeente nog eens te maken met een korting op het gemeentefonds. Het geld dat komt, is niet toereikend om de stijgende kosten te dekken. B en W willen nu komen tot een participatieproces: het betrekken van inwoners bij de (bezuinigings)keuzes. In de huidige fase ligt de nadruk op het formuleren van strategische denkrichtingen en uitgangspunten. Hierbij is gekeken of participatie in deze fase wenselijk en haalbaar is. Een werkgroep van raadsleden, ambtenaren en de externe begeleider SIR heeft de mogelijkheden verkend. De raad heeft een raadsbrief ontvangen over de opbrengsten van deze werkgroep.
De conclusie is dat participatie op dit moment beperkt uitvoerbaar is, omdat er weinig tijd is voor een zorgvuldige aanpak, er nog geen concrete voorstellen zijn, het onderwerp abstract is voor veel inwoners en de ambtelijke capaciteit beperkt is. Daarom is geadviseerd om nu vooral te kiezen voor actieve communicatie: inwoners en organisaties worden geïnformeerd over het proces en de denkrichtingen, maar hebben nog geen directe invloed. Komend najaar kunnen wél gesprekken worden gevoerd met inwoners en organisaties die geraakt worden door de dan meer concrete voorstellen.







