‘Bezwaren tegen dwangsommen windpark N33 zijn ongegrond’

Algemeen

HOOGEZAND - Het college van B en W van de gemeente Midden-Groningen heeft de bezwaren van de exploitanten van het windpark N33 tussen Zuidbroek en Meeden tegen het opleggen van de dwangsommen afgewezen. De gemeente heeft handhavend opgetreden tegen de flitsende verlichting van de windturbines omdat het inpassingsplan voorschrijft dat de verlichting vast brandend moet zijn.

Het college heeft de exploitanten op 16 april 2021 een waarschuwingsbrief gestuurd met een hersteltermijn van zes weken. De raad heeft in de vergadering van 29 april 2021 unaniem het college opgedragen handhavend op te treden, zowel tegen het geluid van de turbines als tegen de verlichting. Ter uitvoering daarvan, en in overeenstemming met het gemeentelijk handhavingsbeleid, heeft het college de exploitanten op 1 juni 2021 een eerste last onder dwangsom opgelegd. B en W hebben de exploitanten vervolgens opnieuw een last onder dwangsom opgelegd, omdat zij de overtreding niet hebben beëindigd.

De exploitanten van het windpark hebben hiertegen bezwaar gemaakt, en de voorzieningenrechter van de rechtbank gevraagd het besluit te schorsen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 7 juli 2021 afgewezen. De onafhankelijke Commissie Bezwaarschriften adviseert nu aan het college de bezwaren ongegrond te verklaren. Wethouder David de Jong is tevreden dat de bezwaarschriftencommissie de handelwijze van de gemeente onderschrijft. ,,Het is een moeizame verhouding tussen het windpark N33 en onze inwoners. Met name de verlichting en het laagfrequente geluid spelen daar een storende hoofdrol in. In de volle overtuiging dat hiermee de belangen van de inwoners zijn gediend hebben wij daarom handhavend opgetreden’’, aldus de Jong.